Verbuig de adjectieven (C)


Vul alle ontbrekende woorden in. Als je ze allemaal ingevuld hebt, druk dan op de knop 'controleer'. Veel succes!

De (groot) mannen zetten de (boordevol) vuilniszakken vol (oud) materiaal buiten.
Je kan een (gratis) krant of een (spotgoedkoop) tijdschrift krijgen bij die (vriendelijk) man in de (linker) kiosk.
Het (groot) verschil tussen een (plastic) zakje en een (stof) zakje is dat het beter is voor het (mooi) milieu.
De (Afrikaans) man verkocht (ivoor) beeldjes op de (gekend) markt in het (klein) dorp.
Ik drink graag (koud) bier of een (fris) cola als het een (warm) zomerdag is.
Ik zou graag een (bruin) (gesneden) brood en tien (klein) (wit) pistolets kopen aub.
De (piepjong) student keek met zijn (gitzwart) ogen naar de (streng) lerares.
Hij was de (stoutst) jongen van de (druk) klas en wilde altijd een (flauw) grapje uithalen.
De (peperduur) (goud) ring die de (steenrijk) vrouw aan haar (rechter) hand droeg, was heel (mooi) .
Op het (supersnel) Internet kon je alles kopen: (kristal) vazen, (eik) stoelen, (platina) juwelen en (leer) schoenen.